Antwerpen 1944 October. Na de aftocht van de Duitse legers, begon de beschieting van de Antwerpse haven, die bijna intact was gebleven. De V1 was een klein onbemand vliegtuig geladen met springstof. Er was een lanceerbasis nodig om het te laten opstijgen. Die basissen konden van uit de lucht opgespoord worden en zo vernietigd. De bedoeling was dat het tuig moest neerstorten als de brandstof opgebruikt was. Als het geronk van de motor ophield, volgde na enkele minuten een zware ontploffing. Je kon alleen maar hopen dat hij niet voor jou bestemd was. De V2 was de eerste echte raket 14 meter lang, 13.000 kg zwaar. Ze bereikten een hoogte van 90 km en konden van af een klein platform afgevuurd worden. Die hoorde je niet aankomen. Het was de plotse dood. De bedoeling was de Antwerpse haven te vernietigen, waar de dokwerkers ondanks het gevaar bleven doorwerken. Vele van die moordtuigen kwamen echter in volle stad terecht. Het was een benarde tijd. De helft van de Antwerpse bevolking leefde in schuilkelders. In zes maanden tijd vonden 3500 Antwerpenaren de dood en waren er nog eens tienmaal meer gewonden. 3000 woningen totaal vernield en 27.000 onbewoonbaar.
Op 16 December viel een V2 op cinema Rex waar ze de film Buffalo Bill speelden. 567 mensen vonden de dood en 291 zwaar gewonden. Meer dan 130 huizen beschadigd in één klap. Het werd verboden om met meer dan 50 mensen samen te komen.
Scholen waren vanzelfsprekend gesloten. Ons groepje straatjongens bleef zoveel mogelijk dicht bij huis of in het bereik van de gemeenschappelijke schuilkelder van onze school in de Ridderstraat. Als een V1 overkwam vliegen en het geronk van de motor te goed hoorbaar was stoof ieder die te ver van huis was, in de school schuilkelder. Wij met ons groepje ook, het was veel plezanter met zo’n grote hoop mensen bij elkaar. Fonske van de Burgerbescherming hield toezicht en zat altijd het dichtst bij de deur aan de laagste trap. Hij was fier op zijn Engelse helm, precies een platte teloor, noemden we dat. Gisteren was er een V1 gevallen juist achter de hoek in de Steenberghstraat. Toen dachten we dat we erbij waren. Nu zaten we daar weer, de kelder vol deze keer. De laatsten stormden de trap af als de motor al nen tijd stilgevallen was. “Verdomme, dezen is voor ons” riep er een, k’heb hem gezien”. en plots werd het doodstil in de kelder. Fonske, aan de deur, op zijn stoeltje, had beide handen aan zijn helm, hij klemde die zo vast dat zijn kneukels wit werden. Zijn rug gekromd om op te vangen wat zou komen. En het duurde een eewigheid. “Allee, allee” zei hij. Ieder hield de adem in, we dachten allen hetzelfde “nu komt het”. Naast mij Tuurke van de koolboer, we zaten in de zelfde klas, die heeft een paar steentjes in zijn hand. We bekijken elkaar, we kijken naar Fonske, naar zijn witte Engelse helm , we denken het zelfde, Tuurke gooit die steentjes omhoog, in een boogje komen die op de helm van Fonske, die zucht hoorbaar op hetzelfde moment dat we de ontploffing horen.”Toch nog niet voor ons dan” zeggen de grote mensen. Fonske zit nog altijd op zijn stoeltje met zijn helm schuin tegen de bakstenen muur. De sirene van op t’pleintje klinkt die gerekte toon “alles veilig” . Bij de eerste die passeert, valt Fonske van zijn stoel, op zijn zij op de grond. Dood, dood van de spanning, van t’verschieten zegt Anneke. Wie kon nu weten dat Fonske zo’n zwak hart had. Ja, daarom is hij ook geen soldaat geweest he!
Tuurke en ik bekijken elkaar. Tuurke zegt “da was die zijne laatsten adem” en ik” welke?” en Tuurke “awel die laatste he!”.
Werner Von Braun, vader van de V2 raket werd door de Amerikanen met open armen ontvangen en werd hoofd van het Nasa ruimte programma dat in 1969 een man op de maan zette. Van massa moordenaar tot held van de ruimtevaart.
Salukes van Ludovikus.

augustus 25, 2010
FONSKE
Geef een reactie »
Reageren?
RSS feed voor reacties op dit bericht. TrackBack URI


